De Nederlandsche Leeuw, jaargang 15 (1897)

203 204 door den welbekenden wapenteekenaar en calligraaf J.. M. Lion te 's-Gravenhage, op te slaan, om uit de daarin fraai geteekende modellen een combinatie te maken, die voor het doel past. Kort geleden werd mij officieus door een geacht lid van het Dagelijksch Bestuur der gemeente om een heral¬≠ disch juist wapen van Haarlem gevraagd. Met eenige nadere aanwijzingen liet ik toen den heer Lion naar zijn eigen modellen een blazoen voor Haarlem ontwerpen, waarvan ik hier de getrouwe afbeelding laat volgen. Dit wapen kan alle critiek doorstaan. Zuiver heraldisch en artistiek opgevat, zonder noemenswaardige afwijkingen van den officieelen tekst, geeft het weder een doorslaand bewijs, dat Nederland op dit gebied ook wel iets goeds kan voortbrengen en men zich niet direct tot buitenlandsche artisten behoeft te wenden zooals dit b. v. met het graveeren van wapens het geval is. Een groote fout is het evenwel, dat de heraldieke wetenschap nergens wordt onderwezen. Volgepropt met alle mogelijke onnutte dingen, die voor een ‚??examen' moeten dienen, dat na gunstig verloop het recht geeft op een brevet van ‚??zoogenaamde' universeele kennis, staat iemand, die zich verder met ijver op de geschiedenis wil toeleggen, geheel vreemd en onbeholpen op het terrein der heraldiek ‚?? en toch ‚?? in hoevele gevallen zijn juist door de wapen- en zegelkunde duistere punten in de geschiedenis tot oplossing gebracht, en hoeveel schoone resultaten zullen en kunnen bij grondig onderzoek in die richting nog worden verkregen! * # Moge bovenstaand model een gunstig onthaal vinden en stipt worden nagevolgd, daar waar zulks noodig zal geoordeeld worden. Spoedig zie ik wellicht mijn wensch vervuld, dat ook Gemeentewerken met dit wapen prijken! M. G. W. Naamlijst der Schepenen van Zatphen. (Vervolg van kolom 176.) Wilhem Leerinck, 1487 Kaelsack, over Henrick rentm., Arndt Huirninck, rentm., onder- Evert Scholdeman, Henrick van Lesten, Henrick Kreijnck, Johan Kreijnck, Arndt Iseren, Conraedt Schimmelpenninck, Gaerdt Barner, Warner Kaelsack, Henrick Berck. Raden: Zeil Keppelman, Henrick Asse, Wilhem van Roderloe, Derrick van de Wall, Wilhem Iseren, Gerloch Stuirman. Secr.: als boven 1488 Wilhem,Iseren, overrentm. , onderrentm. (Zie Raden). Wilhem Lerinck, Zeil Keppelman, Evert Scholdeman, Henrick Asse, Wilhem van Roderloe, Derrick van de Wall, Henrick van Lesten, Henrick Kaelsack, Gaert Barner, Gerlich Stuerman, Henrick Berck, Henrick Yseren. (1) Raden : Henrick Kreijnck, Johan Kreijnck, Arndt Iseren, Conraedt Schimmelpenninck, onderrentm., Arndt Huirninck, Warner Kaelsack. Secr.: als boven. 1489 Volkomen als in 1488, (2) doch: Evert Scholdeman, over¬≠ rentm., Henrick Berck, Arndt Huirninck onderrentm Andries van Holthusen. Raden : Ceel Keppelman, Henrick Ass, Willem van Roderloe, Derck van der Wall, Willem Iseren, Gerlich Stuyrman. Secr.: als boven. 1491 Wilhem, Iseren, overrentm., Gerlich 'Stuirman, onder¬≠ rentm., Henrick Kreijnck, Zeil Keppelman, Wilhem van Roderloe, Arndt Iseren, Henrick Asse, Derrick ten Wall, Conraedt Schimmelpenninck, Arndt Huirninck, Andries van Holthuisen, Jacob Schimmelpenninck. Raden. Wilhem Leerinck, Evert Scholdeman, Henrick van Leisten, Henrick Kaelsack, Gaert Barner, Henrick Berck. Secr.: als boven. 1492 Henrick Berck, overrentm., Gaert Barner, onderrentm., Zeil Keppelman, Derrick ten Wall, Henrick Kaelsack, Wilhem Iseren, Gerlich Stuirman, Derick Kreynck, Gerit van Buerlo, Henrick Asse, Wilhem Leerinck, 'Willem van Roderlo. 1490 Conrait Schimmelpenninck, overrentm., Arnt Huirninck,onderrentm., Willem Leerinck, Arnt Iseren, Evert Scholdeman, Henrick Kreynck, Henrick Kaelsack, Henrick van Leesten, Gaert Barner, Warner Kaelsack, Henrick Berck, Raden: Henrick Kreijnck, Arndt Iseren, Conraedt Schimmelpenninck, Arndt Huirninck, Andries van Holthuisen, Jacob Schimmelpenninck. Secr.: als boven. 1493 Andries van Holthuisen, overrentm., (3) Conraedt Schimmelpenninck, onderrentm., (4) (1) Deze geeft van Heeckeren op. (2) Henrick '√Įseren vind ik evenwel in 1489 nergens vermeld. (,3) Tadama noemt beiden rentmeester. (4) Kreynck voegt Meraohter: gestorven voor St. Jacob.