De Nederlandsche Leeuw, jaargang 15 (1897)

MAANDBLA VAN HET ‚?Ę GenealogiscMeraldiek genootschap ‚??De Nederlandsche Leeuw.' Dit blad verschijnt omstreeks het midden van iedere maand, en wordt alleen aan de leden van het genootschap gezonden. Brieven te zenden aan den Secretaris den heer Mr H. J. KOENEN, Kanaalweg 63, Scheveningen, bij¬≠ dragen voor het Maandblad, en de daarop betrekking hebbende correspondentie aan den heer M. G. WILDEMAN, Zijlweg 8c te Haarlem. Aanvragen betreffende de bibliotheek te richten tot den heer W. baron SNOUCKAERT VAN SCHAUBURG, Daendelsstraat 11. Leden te 's-Gravenhage betalen per jaar / 10.00 Zij, die buiten 's-Gravenhage wonen ∆?6.00 De vorige jaargangen zijn voor de nieuwe leden te bekomen ad f 6.√?0 per jaargang. Afzonderlijke nummers zijn niet verkrijgbaar. De redactie van het Maandblad wijst er nadrukkelijk op, dat zij niet aansprakelijk is voor de strekking of inhoud der onderteekende stukken. Geslacht Brandwijk. XL Ve Jaargang. 1897 (Aanvulling.) Den naam Brandwijk of van Brandwijk heeft men aan de vergetelheid willen ontrukken door dien bij een anderen familienaam te voegen ‚?? doch vergeefs, door uitsterving. Mr. Jan Noortbergh en Geertruid van Brandwijk, vrouw van Bleskensgraaf (zie alh. 1896 bl 10) hadden de navolgende kinderen, volgens een ‚?? memoriaal': 1. Hester, geb. 4 Aug. 1762, f 10 dagen later. 2. Gerrit Jacob, geb. 16 Aug. 1764, f Mei 1791. Raadsheer in het Hof van Holl, Zeel., en West Friesland. 3. Emerentia geb. 14 Juli 1766, f2 April 1773. 4. Quintinus, volgt. 5. Jan, geb. 14 Juni 1703, geh. met de wede.... ? geb. √?oelars (wie vult dit aan?). In het ‚??Stamboek der eerste Ned. O Rijd. Artie' heet hij: Jan Noortbergh van Brandwijk Toen hij 22 Feb. 1793 als ‚??premier luitenant effectief bij de Rijd. Artie kwam, was hij nog ongehuwd. ‚??13 April 1795 zijne versochte demissie bekomen te Voorschoten.' Of zij kinderen hadden, weet ik niet. 6 Emerentia, geb. 28 Juli 1775, huwt. Baron v. Ro senthal te Kleef. Aan haar kwamen de familie¬≠ portretten, welke waarsch. nu bij zekere Heer de Kruyff (kleinzoon) berusten. 7. Hester, geb. 5 April 1780. 8. Geertruyd Johanna Sara Maria, geb. 30 Maart 1803. Quintinus, geb. 27 Juni 1770, noemde zich Noortbergh van Brandwijk en was ook heer van Bleskensgraaf. In mijn Ms staat: ‚??IA ter zee bij overlijden van zijn vader in de Regeering der stad Gouda.' Waar moet hier de , staan? Achter ‚??zee' of achter ‚??vader'? Hij was raad, schepen en burgemr. van Gouda, en huwde 20 Oct. 1783 te ? met Christina Maria Dabems, geb. 16 Aug. 1771 te Amst. (?) dr. van Jonathan Babenis en Anna Maria Berewout. Zij hadden 5 kinderen, allen natuurlijk N. v. B geheeten: 1. Geertruida Johanna Sara Maria, geb. te Alphen 30 Mrt. 1803, huwt. Dirk Willem Bosboom de Wildt te Paramaribo. JS>. 2. Quintinus Marius, geb. Amst. 18 Ag. 1806, f Pa¬≠ ramaribo, 22 Aug. 1828. 3. Frangois Frederik, geb. 's Gravenhage 27 Sept. 1808, f 23 Mei 1809. 4. Hester Emerentia, geb. 's Gravenhage 16 Dec. 1809 eenige weken geleden te Arnhem overleden. 5. Joannes Jacobus Didericus, geb. Hoorn 3 Febr. 1813. De 4 verschillende geboorteplaatsen van deze kinderen kan ik niet verklaren. De familie Noortbergh stierf in de ml. lijn uit, en daarmede verdween ook de naam van Brandwijk. Ommeren, 1 April 1897. H. J. SCHOUTEN. Geslacht Fockens. (Zie Maandblad XIV a<>. 1896, No. 9 bl. 143). Wat Valentijn zegt, kan ik niet melden, omdat ik dit werk niet kan raadplegen, maar wel zij bericht hetgeen Ds. C. A. L. v. Troostenburg de Bruyn in zijn belangrijk werk ‚??De Hervormde Kerk in Nederl. O.-Indi√ę' (Arnhem, Tjeenk Willink, 1884) mededeelt. Deze auteur gewaagt ald. bl. 271 van Gilles Verbeek, te Batavia proponent gemaakt en te Suratte, benoorden Bombay, van ‚??provisioneel' tot ‚??absoluut' proponent bevorderd. ‚??De man', zegt Hofstede (I, 92) ‚??was er hoochmoedigh, laetdunckende en achterclappig door geworden, en had er nog andere fouten meer door gekregen. Dat komt er van, als men de menschen over het paard tilt, sij worden dickwijls al te hooge geset eer het tijt is, ende willen dan al te veel meesters wesen'. Ibidem bl. 304 : ‚??Een ander po√ęet was de welbekende Gerardus Verbeek (sic, in 't register evenwel, bl. 669a, noemt de Bruyn G. Verbeek), predikant te Banda, die in 1752 te Leiden in 1tlicht gaf: ‚??Oost-Indische uit¬≠ spanningen, bestaande in Mengeldichten en Gezangen'. Dit met aanhaling van Busken Huet, ‚??Nation. Vertoogen', le Bundel (Amst. 1876), bl. 186.