De Nederlandsche Leeuw, jaargang 15 (1897)

MAANDBLAD VAN HET Genealogisch-heraldiek genootschap ‚??De Nederlandsche Leeuw.' Dit blad verschijnt omstreeks he t middeu van iedere maand, en wordt alleen aan de leden van het genootschap gezonden. Brieven te zenden aan den Secretaris den heer Mr. H. J. KOENEN, Kanaaltoeg 63, Scheveningen, bij¬≠ dragen voor he t Maandblad, en de daarop betrekking hebbende correspondentie aan den heer M . (i. WILDEMAN , Zijlweg 8 c te Haarlem. 8T Aanvragen betreffende de bibliotheek te richten to t den heer Jhr. Mr. C. H. C. FlUGI VAN ASPEKMONT, Jan van Naasaustraat 6, te 's-Gravenhage. Leden 1 te 's-Gravenhage betalen pe r jaar ∆? 10.0 0 Zij, die buiten 's-Gravenhage wonen f 6.00 De vorige jaargangen zijn voor de nieuwe leden te bekomen ad ∆? 6.00 per jaargang. Afzonderlijke nummers zijn niet verkrijgbaar. De redactie van he t Maandblad wijst er nadrukkelijk op , da t zij niet aansprakelijk is voor de strekking of inhoud de r onderteekende stukken. -N0. 5 . √ŹVe Jaargang. 1S9? Strafbepalingen tegen heraldische usurpatie. Rapport door den secretaris, Mr. H. J. Koenen, uitgebracht in de algemeene vergadering. Reeds meermalen werd in he t Maandblad mededeeling gedaan va n inlichtingen door de hoogelijk gewaardeerde tusschenkomst van Z. E. de n Minister van Buitenlandsche Zaken in de verschillende Staten van Europa ingewonnen omtrent he t bestaan va n wetsbepalingen, straf bedreigend -tegen hem , die zich onbevoegd va n he t wapen eener adellijke familie bedient. Het is echter noodig va n al die opgaven hier nog eens ¬ęen overzicht te geven, waarin tevens de no g niet mee¬≠ gedeelde vermeld kunnen worden, om daaraan ten slotte ‚?Ęeenige beschouwingen te kunnen vastknoopen. Engeland. ‚?? Voor zoover ik weet, zegt Si r John Bridge, bekend Engelsch rechtsgeleerde, en tijdelijk zaak¬≠ gelastigde de r Nederlanden te Londen ‚?? is he t door de wet niet strafbaar gesteld ee n wapen te bezigen dat aan iemand anders toebehoort, maar het zou strafbaar zijn dat ie doen, al s he t plaats ha d met ee n bedriegelijk oogmerk of tot ee n bedriegelijk d√≥el. Belgi√ę. ‚?? In de Belgische we t komt geen bepaling voor betreffende he t wederrechtelijk voeren va n wapens. Art. 230 C. P., dat tegen he t openlijk voeren van adellijke titels, waarop me n geen recht heeft, 200 a 1000 frs. boete bedreigt, is de eenige strafbepaling di e op adeldom be ¬≠ trekking heeft. Wa t de kwestie va n he t eigendom va n wapens aangaat, indien he t recht op ee n wapen wordt betwist en de zaak voor de n burgerlijken rechter wordt gebracht, za l deze hebben te beoordeelen of hij daarvan ian kennis nemen. Portugal. ‚?? Portug. Wetb. v. Strafrecht Art. 237 . ‚??Al wi e zich eenigen adellijken titel aanmatigt, of ^wederrechtelijk ee n geslachtswapen voert, da t hem niet ‚??toebehoort, za l veroordeeld worden to t eene gevangenis¬≠ straf van hoogstens ee n maand', me t welke laatste uit¬≠ drukking bedoeld wordt da t de gevangenisstraf vervangen ian worden door de voldoening eener boete, waarvan het bedrag berekend wordt tegen ee n som van + ∆? 0.7 0 voor eiken da g opgelegde gevangenisstraf. Frankrijk. ‚?? Geen bepalingen. Zweden. ‚?? Bi j Kon. Besluit va n 10 Aug. 1762 wordt het wederrechtelijk voeren va n adellijke schilden of open helmen door niet adellijke personen strafbaar gesteld met eene boete va n 50 0 zilv. daalders, overeenkomende me t een so m va n ongeveer 1662/3 zweedsche kronen of ∆? 111 Ned. crt. He t besluit luidt: ‚??Wi j ADOLF PREDERIK enz. ' doe n te weten , dat : ‚??Daar onder niet adellijke personen hier te lande he t ‚??misbruik is ingeworteld, da t velen hunner in hunne ‚??zegels addellijke schilden of open helmen aanbrengen, ‚??hetgeen rechtens aa n niemand anders toekomt, dan aan ‚??hen di e werkelijk graven, vrijheeren of van adel zijn, ‚??alzoo to t he t handhaven va n dit recht, da t in dier ‚??voege slechts aa n de ridderschap en de n adelstand is ‚??verleend, benevens om hierin d e orde te handhaven, ‚??hebben wi j op onderdanig verzoek va n de ridderschap ‚??en adel hiermede goedgevonden en verstaan dat de niet ‚??adellijke persoon, di e in he t vervolg ee n adellijk schild ‚??of open helm in zijn zegel voert, daarvoor gestraft ‚??worde' enz . In Oostenrijk is de aanmatiging van adel niet strafbaar als zelfstandige handeling, d. w. z. voor zoover ze niet het middel is te r volvoering va n een zwaarder strafbaar feit, als oplichterij, valschheid enz. , evenmin al s he t voeren van ee n vreemd wapen in het strafwetboek to t voorwerp gemaakt wordt va n eene strafvervolging. Er bestaat echter een Hof kanselarij-decreet van 2 November 1827, op grond van hetwelk de regeering he t voeren va n adellijke titels en wapens tegengaat en straft. Volgens dat Hofkanselarij decreet is tegen he t aannemen va n adellijke titels en wapens geldboete van 20 tot 100 Oostenr. guldens (21‚??105 florijnen) subsidiair 3 ‚?? 14 dagen hechtenis bedreigd, en bij herhaling 100‚??1000 gulden (10 5 tot 105 0 florijnen subs 2‚?? 6 weken hechtenis) D e vervolging gaat volgens dat decreet niet uit va n de rechterlijke macht, maar van de ‚??kammerprocuratur', tegenwoordig de ‚??finanzprocu ratur', en in de hoogste instantie wordt de zaak beoor-