De Nederlandsche Leeuw, jaargang 34 (1916)

MAANDBLAD VAN HET Genealogisch-heraldisch Genootschap: â??De Nederlandsche Leeuw.' Dit blad verschijnt maandelijks en worde alleen aan de Leden van het Genootschap gezonden. Bij­ dragen , correspondentie betreffende de redactie van -het Maandblad, opgaven van adresveran­ dering, gelieve men te richten tot den redacteur, Mr. TH. R. VALCK LUCASSEN, Raamweg 14, 's-Gra­ venhage, Contributiën enz. aan den penningmeester, B. VAN HAERSMA BUMA, Mawitskade 9â??ld, 's-Gravenhage{ De jaarlijksche contributie bedraagt Æ?7.50. Leden te 's-Gravenhage, die de wekelijksche portefeuille ontvangen, betalen hiervoor Æ?2.50 per jaar. Brieven, aanvragen enz., betreffende het Ge­ nootschap te richten tot den secretaris, Mr. TH. R. VALCK LUCASSEN, Raamweg 14, 's-Gravenhage, en die betreffende de Bibliotheek, opmerkingen in zake de verzending en aanvragen om exemplaren van vroeger verschenen Maandbladen tot den wnd. Bibliothecaris , Jhr. Mr. Th. VAN RHEINECK LEYSSIUS, Vivienstraat 10, Scheveningen. De Bibliotheek van hét Genootschap, gevestigd Heerengracht 62 (hoek Princessegraehi), 's-Gravenhage, is voor de Leden geopend iederen Maandag van 3â??5 uur. De redactie van het Maandblad wijst er nadrukkelijk op, dat zij niet aansprakelijk is voor de strekking of den inhoud der onderteekende stukken. N» 11. XXXIV6 Jaargang. BESTUURSBERICHTEIi. Tot lid zijn benoemd: J. L. VAN BIJLERT Delft. Techn. Stud. Savenstr. 7a. J. B. ONDERWATER Leeuwarden. Ingenieur. E. J. M. KIELSTRA Leiden. Jur. Stud. Hoogewoerd 34. Voor de Bibliotheek. Wij ontvingen in dank voor de Bibliotheek: L. J. van Beuningen van Helsdingen. Het Geslacht van Helsdingen, Historisch-Genealogisch be­ schreven. Overdr. uit de Wapenheraut 1915. 8°. (Van den Schrijver). . Jhr. Mr. Th. van Rheineck Leyssius. De ar­ chieven van Langeland en Kortland (Krimpen aan den IJssel). Overdr. uit Verslagen omtrent 's Rijks Oude Archieven 1915. 8°. (Van den Schrijver). Bijdrage tot de geschiedenis van het Rotterdamsche regeeringsgeslacht Clinckebelâ??Vigilantiusâ??Van Teylingen, aan de hand van een drietal vicarieën, doo r G. B. CH. VAN DER FEEN. In de Wapenheraut Jg. 1915 Afl. 2 blz. 78 en Jg. 1916 Afl. 7 blz. 317 verschenen van de hand van Mr. R. Bijlsma eenige mededeelingen betreffende de oudste generaties van bovengenoemd regeeringsgeslacht. De schrijver laat dit geslacht aanvangen met den kruidenier apotheker Claes Willemsz., dien wij als Claes Crunier in het tweede kwart der 168 eeuw te Rot­ terdam gevestigd vinden. Een toeval speeld e mij een genealogietje â?¢â??â?¢ zeer waarschijnlijk dagteekenende van het jaar 1615 â?? in handen, waardoor het mogelijk is November 1916. dit geslacht nog vier generaties hooge r op te voeren. Het is mij echter niet mogen gelukken voorloopig iets naders te vinden betreffende de oudste daarin genoemd e leden van het 'geslacht. Het is zelfs niet met zekerheid te zeggen , of dez e in Rotterdam hebben gewoond, er zijn aanwijzingen, welke een afkomst uit Leiden doen vermoeden. In ieder geval hebben verwanten van hen in die stad gewoond. Het genoemd e genealogietje (Bijlage I.) bevindt zich in een dossier van stukken (Bijlage VII), welke be­ trekking hebben op een drietal vicarieën, welke met nog een vierde waarover ik later kom te spreken, sinds 1615 in het geslacht Van Teylingen zijn geweest . De oudste van dez e drie vicarieën werd in 1472 op den 20en Juni door Jaco b Claesz., priester in het Bisdom van Utrecht en kanonik van de kerk te Xanten, gefundeerd op het St. Eligiusaltaar in Onze Lieve Vrouwe Kerk te Leiden, en begiftigd met 12 morgen lands en een rente op een huis in Maasland (Bijlage II). Deze Jaco b Claesz. was, zooal s uit de genealogie van anno 1615 blijkt, een broeder van W illem Claesz. den vader van Claes Willemsz. â??den apotheker'. Over dé lotgevallen van dez e 'vicarie kom ik beneden te spreken. De tweede en derde vicarie werden gesticht door Geertruid Jacop s dochter, de tweede vrouw van Doe Jansz. van derSluijs, secretaris van Rot­ terdam, overleden omstreeks 1496. Deze Geertruid was, zooals de meergenoemd e genealogie aangeeft, een tante van vaderszijde van den bovenvermelden Jaco b Claesz. den priester. De eerste dezer twee vicarieën werd den 23en Maart 1500 gesticht op het altaar van St.Eligius in de St.Laurenskerk te Rotterdam en begiftigd met de helft van 13 morgen *) De vicarie op het altaar van Onze Lieve Vrouwe in de parochie­ kerk te Ackersloot (Nd. Holland), wnarvan ik de geschiedenis hoop te behandelen in een bijdrage tot de geschiedenis van het Delftsche geslacht,M e u ij t (Moeyt, de Mooie) c. s.