De Nederlandsche Leeuw, jaargang 37 (1919)

423 424 links een schuinrechts geplaatste baak, b. 3 sterren naast elkaar. Helmteeken: de baak. De geboorteplaats â??Vijtrecht' is zeker Utrecht, want dit is de gewone spelling van deze stad in vroeger eeuwen. Wij hebben hier dus vermoedelijk met een inwoner van Utrecht te doen, die naar Duitschland is getrokken. R. T. MUSCHART. VRAGEN EN ANTWOORDEN. Bake-Spieringh. (XXVII, 20). Adriaan Bake (geh. met Piet0, Catha Spiering) was 1736 schepen van Hulster­ ambacht (Nav. XIV, 104a). â?? Een andere Bake, David Johan was Mrt. 1730 waterfiscaal in O.-Indië, aangest. 1729 (Heerenboekje) test. 1735 (Reg. Test. V. O. C. Rijks-Archief n°. 6243 (4). Uit zelfde Nav. bl. 199a blijkt, dat Adriaan Bake 9 Juli 1735 beëedigd werd, en dat een Gijsbertus Spiering (mogelijk de vader) f 1701 ook schepen van Hulster Ambacht is geweest. â?? En op bl. 261b komt onder de predikanten van den polder Namen voor: Adriaan Bake, beroepen onder de cl. van Z.-Beveland 30 Nov. 1655, overl. 3 Mei 1679. Zijne wed. Cornelia Borsselaer wordt als buitenmoeder van het weeshuis te Hulst a°. 1687 vermeld bij Lansberghe: Beschr. van Hulst bl. 96. N.-B. D. Bruyn (de). Gevraagd een nauwkeurige beschrijving, met opgave van helmteeken en dekkleeden, van het wapen van het Bredasche regeeringsgeslacht de Bruyn. Het schild staat afgebeeld in de â??Genealogie van het geslacht Wynaendts' door W. Wynaendts van Resandt. Bestaat er een genealogie van dit geslacht? 's-Gravenhage. J. J. VÃ?RTHEIM GZ. Campbell. Voor een in bewerking zijnde genealogie van den Nederlandschen tak van het Engelsche adellijke geslacht Campbell, worden beleefd gegevens gevraagd. Ook opgaven waar zich eventueel nog familiepapieren bevinden, zijn zeer welkom. 's-Grdvenhage. J. J. VÃ?RTHEIM GZ. Chijs (van der). Gevraagd de kleuren van het wapen van der Chijs, zijnde: gevierendeeld: 1. een dubb. adelaar, 2. drie wassenaars, 3. drie violen (?), 4. een ster. Hartschild: drie vogels (sijzen ?) Helmteeken: een vogel. B. B. H. B. Pieter Nicolaas van der Chijs, 1814 Schutterkoning van de Handbusch te Delft, voerde: gevierendeeld: 1 in groen een dubbelen zilveren adelaar, 2 in zilver 3 roode wassenaars, 3 in goud een roode ster, 4 in goud 3 zwarte bijen (vliegen?) Hartschild: in groen 3 gouden vogels. Zie ook Rietstap, Arm. Genl. Suppl. in voce. Dit wapen is te vinden in het Wapenboek der Confrérie van de Handbusch te Delft. Dirks, Ned. Hist. Penn. Dl. II, blz. 252 vermeldt de zilveren bruiloftspenning van Jacobus van der Chys en C. H. M. Kesman (1863), waarop hetzelfde wapen, met dit verschil, dat de adelaar uit het eerste kwartier van goud is en beladen met een rood schildje, waarop een zilveren ster (5) en de kwartieren 3 en 4 zijn omgewisseld. DOC.-BUR. Clermont. Welk wapen voerde Hendrik Clermont, van Amsterdam, wiens dochter Cornelia Henrieita 25 Jan. 1751 huwde met Willem van Rijssel, luit. en na 1764 raad en rentm. der domeinen van Vianen en Ameide ? Utrecht. E. C. VAN RIJSSEL. Johan Clermont te Amsterdam voerde volgens origineel zegel in was met randschr. Sigiïlum Johannes Clermont: in zilver links een berg van nat. kleur, en rechts in het hoofd een stralende zon: (Clair-mont). Helmt. een vlucht. DOC.-BUR. Commersteijn-Reael. (XXXVII, 382). Volgens mijne familiepapieren is Maria Commersteijn eene dochter van dr. Johannes C. geb. 1622 f 1681, uit zijn 2e huwelijk in 1654 gesloten met Alida Reael, geb. 1617 f 1678, dochter van Reijnier R. en Maria Oetgens. Maria was vrouw van Koudekerk (Z.H.) en Poelgeest en huwde 1° Nicolaas Schellingwouw (niet van Schelling woude), 2° Gerard Schatter. Uit het 1° huwelijk sproot Alida Schellingwouw, die huwde met /. W. baron van Ripperda. Het 4e kwartier in het gestoelte in de kerk te Olde hove is dus wel degelijk het wapen van Reael en stemt overeen â?? met weglating der kroon â?? met dat wat Rietstap vermeldt in zijn Armorial Général. De Heer W. G. F. zal mij genoegen doen mede te deelen hoe het wapen van Commersteyn in die kerk is, dit geslacht toch voerde tweeërlei wapens. In mijn bezit is eene wapenkaart, houdende de 32 kwartieren van mr. Daniël de Dieu, waarop het in het Armorial eerstvermelde wapen voorkomt, en een kussen met het daarin in de tweede plaats genoemde, dit kussen is afkomstig van Margaretha Commersteijn, halve zuster van Maria, uit het le huwelijk van dr. Johannes C. met Dorothea van Oss, zij huwde met mr. Carel Six en was de grootmoeder van mr. D. de Dieu. Haar levensgroot olieverf-portret is in mijn bezit. Alkmaar. VAN DER FEEN DE LILLE. Cremer. Welk wapen voerde Ds. Goswin Cremer, geb. te Harderwijk, Franc. Lud. filius, Bern. Seb. nepos, die 11 April 1781 te Everdingen huwde met Helena Alber tina van Rijssel? Utrecht. E. C. VAN RIJSSEL. Uit het bovenstaande blijkt dat Goswin een kleinzoon was van Bern. Seb. Cremer, Theol. prof. te Harderwijk, aldaar overl. 14 Sept. 1750 volgens een grafzerk (zonder wapen) in de Groote Kerk aldaar (Nav. 1876, p. 341). De voornaam Bernard doet vermoeden, dat laatstge­ noemde tot het geslacht Cremer behoorde, dat het be­ kende wapen met de fortuin voert, waartoe behoorden Bernard Cremer, 16. 5. 1697 te Zutphen en Bernard Hendrik Cremer, 6. 11. 1785 momber van Gelre en Zutphen. De wapens van beiden, voorkomende in de acten en besch. van de Geldersche leenk., vertoonen de fortuin. DOC.-BUR.