De Nederlandsche Leeuw, jaargang 40 (1922)

63 64 som kreeg en een legaat aan Willem Hoogkamer â??des rendants soon' zoo even genoemd. Jan Craeye was dus vermoedelijk een oom van Abra­ ham Craeye, den burgemeester van Sluys en een broer van Ds. Ihomas Craeye, predikant te Retranchement in 1646. Tevens was hij de vader van Joost Craeye, voornoemd, burgemeester te Haarlem, en wel uit zijn eerste huwe­ lijk (met Catharina le Neveu). Als weduwnaar is Jan Craeye 17 April 1665 her­ trouwd met â??Johanna Hoogkamer voornoemd, weduwe van Nicolaas Loenius.' Deze moet, blijkens het Goesche Not. archief, geweest zijn een zoon van â??Mr. Johan Loenius, in sijn leven Raad in den Hove Provinciaal van Holland'. (Zie verder onder â??Hoogkamer'J. Ten slotte eenige losse aanteekeningen uit de trouw­ registers te Goes, betreffende dit geslacht, dat volgens den Heer van Epen, waarschijnlijk uit Vlaanderen stamt, en zooals zoovele Vlaamsche geslachten om geloofs­ redenen in het begin der 17do eeuw naar Zeeland schijnt te zijn uitgeweken. Getrouwd 3 Mey 1646 Jacob Maryniss Kraye Wr. en Mayke Simons, wedwe van Arent Stoop, 10 Octr. 1663 Pieter Craye (zie hiervoor) j. m. van Goes met Adriaantje Claes jd. van Goes, 14 Dec. 1687 Anthony Kraaye (waarschijnlijk de vroeger genoemde) en Sara Benderly. 1 April 1705 Anthony Cray en Francijntje Soetebier, 16 Sept. 1707 Nicolaas Kraaye en Jacoba Patel (zie voor geslacht Patel onder â??Noordhoeve'). Zij was eene kleindochter en peetekind van Jacomijntje Zijwertsvan der Bilt. Of de volgende personen, die denzelfden naam droegen, al of niet tot de in Zeeland gewoond hebbende familie hebben behoord, heb ik niet na kunnen gaan. Volledigheidshalve verwijs ik naar: 1. Catharina Cray, huisvrouw van Maurice de Viri, bailluw ende schout van Hazerswoude (Ned. Leeuw 1913, blz. 166) en 2. Jacques Craey, voor wien als getuige Cornelis van Warmont optreedt bij den doop van Daniël van Alphen, ged. te Leiden 14 April 1623. 6e. Het geslacht Hoogkamer. ' Getr. te Goes 12 April 1684 Zijwert van der Bilt en Catharina Hoogkamer. Ged. te Goes 10 Maart 1662 Catharina Hoogkamer, d. van Sebastiaan en Jacomijntje van Meurs. Get. Jacobus Boerbergh, candidatus S. Theologiae, 'Comelia en Johanna Hoogkamers. Deze Sebastiaan Hoogkamer was notaris te Goes, evenals zijn latere schoonzoon Zijwert van der Bilt, die aanvankelijk (1679) klerk bij den notaris Corn. Loppse (gehuwd met eene Mispelblom) was en einde 1681 tot notaris is benoemd. Indertijd heeft Jhr. G. Sandberg eene vraag gesteld in dit maandblad betreffende het wapen eener familie Hoogkamer en is daarop geantwoord, dat slechts één wapen Hoogkamer bekend was n.1. van het bekende -Noord-Hollandsche regeeringsgeslacht, dat in de regee­ ring van Amsterdam en als ik mij niet bedrieg, Hoorn en Alkmaar zat. 21) Het Goesch e geslacht van dien naam is aldaar na­ genoeg 150 jaar gevestigd geweest, was herhaaldelijk aan regeeringsgeslachten geparenteerd en schijnt in het begin der 18de eeuw naar elders vertrokken te zijn. Een wapen, noch eene familieverwantschap met den te Amsterdam geboren ds. Jacobus Hoogkamer, wiens dochter Geertruida door Jhr. Sandberg wordt genoemd, ben ik tegengekomen, maar de talrijke aanteekeningen, die ik van dit geslacht, dat o.a. vier notarissen aan Goes leverde, maakte, hebben mij in staat gesteld in groote trekken de volgende, zij het dan onvolkomen en onge­ regelde geslachtslijst op te maken. De naam wordt het eerst aangetroffen in 1589. Toen stierven Jan Cornélissen Hoogkamer'en zijne vrouw. Hij had een zuster: Cathelijne Cornelisd. Hoogkamer, die als j.d. van Oude- kenskerke (Hoedekenskerke) trouwt met Dignus Cornelisz Masure22) 9 Febr. 1594, en een broer: Marinus Cornelisz. Hoogcamer j.g. van Vinnynghe, tr. Tanneken Adriaens 6 Juni 1593. Hij overleed vóór 1632 en was staten-deurwaarder (acte not. Bornelaer 23 Dec. 1634). Zie voor zijne kinderen onder IA. Tegelijkertijd leefde een dijkgraaf Sebastiaan Hoog­ kamer, die ouderman (kiezer) te Goes was 1591â??1592 en 1595â??1696, begraven werd te Goes 5 Januari 1618 en later volgt I B. I.A. Marinus Cornelisz. Hoogcamer voornoemd en Tan­ neken Adriaans (begr. 26 Mei 1635 te Goes) hadden de volgende kinderen: 1. Mayken Hoogkamer, tr. 14 Nov. 1615 Jan de Vrient j.g. van Leiden. 2. Pieternella Marinusse Hoogkamer, tr. als j.d. van Goes 24 Sept. 1629 Everard van Hacke j.g. van Rotterdam. (Mr. Jan van Hacke, vader van den bruidegom en Tanneken Hoogcamer, moeder van de bruid consen­ teeren). 3. Jacquemijntje Hoogcamer, tr. 24 Febr. 1629 Cornelis Pietersenyg. van Arnemuyden23). Pieter Bartholomeus, swager en voogt van br. g. en Tanneken Hoogcamer, moeder van bruid, consenteert. 4. Anna Hoogcamer, tr. als j.d. van Goes 10 Maart 1632 Jacob van Emden, soldaat onder cap*. Cromare. Zij hertr. 30 Juli 1642 Gillis Pieters. 5. Cornelis Hoogcamer, apotheker te Goes, trouwt 1621 met attestatie in Oude Tonge, Tanneken Jochems van Goes, en is overl. 6 Maart 1627, nalatende eene doch­ ter Maria, ged. 15 Juli 1622. Zij hertrouwt lngel Jacobs (Craye?) en is vóór 1630 overl. Hij (lngel Jacobs) !l) Volgens Elias1 â??de Vroedschap van Amsterdam'' was Jacob Pietersi Hoogkamer (geb. 1578 als zoon van Piet.r Hendriksz alias Pieter Heynem en Ida Hendriksd Gort) van 1613â??1638 Raad te Amsterdam, werd toen failliet verklaard en werd conoierge van de Voetboogdoelen. Hendrik Hoogkamer, Equipagemeester was een broer van hem. Adriaan Pietersz Hoogkamer was reeder te Amsterdam, daarna Schepen van Hoorn (1629). Of de naam Hoogkamer een bepaald begrip aanduidde weet ik niet, het viel mij alleen op, dat in Goes in de 174' eeuw een oliemolen â??de hoogkamer' bestond. J') Uit een bekend Goesch regeeringsgeslacht. ss) Beiden staan o.a. als getuigen bij den doop van Sibrant, kind van Pieter Sijbrants, 2 Dec. 1634. Deze Pieter Sibrants was waarschijnlijk (vond dit intusacben nog niet bevestigd) geparenteerd aan Sijbrecht (Sibrant) Jana van der Büf.